Westelijk centrum Utrecht wordt gezond, duurzaam, autoluw en krijgt een monorail

Utrecht wordt een Europees duurzaamheidsicoon. Dat werd vanochtend bekend gemaakt tijdens de perspresentatie van de plannen voor het westelijk deel van Utrecht Centraal. Het Jaarbeursgebied wordt een gezondheidszone: klimaatneutraal, autoluw met misschien een monorail, disco en watertaxi’s. “De verduurzaming van dit gebied moet een exportproduct worden zoals onze waterkennis dat nu al is.” 

Van de veel besproken milieuzone naar een nieuwe gezondheidszone. Aan ambitie geen gebrek voor het nieuwe Utrecht centrum, zo bleek vanochtend. Wethouders Lot van Hooijdonk en Victor Everhardt, Jacqueline Cramer (Utrecht Sustainability Institute), Henk Broeders (Jaarbeurs) en Tom van Mil (Utrecht Economic Board, EBU) gaven vanochtend een presentatie van de uitgewerkte plannen voor de westkant van het Centraal Station. Utrecht moet een Europees duurzaamheidsicoon worden. Dat wil zeggen dat het energieneutraal en een fijne en gezonde plek moet zijn om te werken en te verblijven. “We laten de bouwput achter ons en gaan de open ruimte een boost geven,” zei Everhardt bij zijn presentatie.

Dit gaat onder meer gerealiseerd worden door het gebied autoluw te maken. Aan de westkant van het gebied moet je je auto parkeren en van daaruit moet je de binnenstad op alternatieve manier gaan bereiken. Dit moet over een paar jaar kunnen via duurzame vervoersmiddelen: de benenwagen, fiets, watertaxi of zelfs een monorail. Daarnaast wordt het hele gebied voorzien van 17.000m2 zonnepanelen, een warmte-koudeopslag en energie neutrale kantoren en woningen.

Deze zogenoemde ‘Toekomstvisie Utrecht Centrum’ wordt één van de twee paradepaardjes van het Europese ‘Climate KIC’-programma. Dit Europese fonds stimuleert duurzame gebiedsontwikkelingen en heeft Utrecht naast het Queen Elisabeth Olympic Park in Londen uitgekozen als voorbeeld voor de rest van Europa. “Samen met het feit dat we de meest competitieve regio van Europa zijn, gaat dit heel veel goeds brengen voor de Utrechtse economie,” aldus Everhardt.

Leefbaarheid van dit gebied moet onder meer komen door de megabioscoop en uitgaansgelegenheden. Denk aan restaurants, maar misschien ook discotheken. Daarnaast was er op de getoonde dia’s ook een reuzenrad te zien maar die werd niet genoemd. De eerder genoemde watertaxi’s worden onderdeel van levendigheid op de herbouwde singel en Merwedekanaal.

Chinese groeicijfers
“Waarom zou je met de auto vast willen staan op de 2×1 wegen die we gaan realiseren, als je ook andere verbindingen hebt die je snel naar het centrum brengen,” vroeg Everhardt zich af. Hij gaf aan dat onder andere de Graadt van Roggenweg er één wordt met 2×1 rijbaan, die bedoeld is voor bestemmingsverkeer. Zijn collega Van Hooijdonk vult hem aan: “Ik noem het Chinese groeicijfers, de percentages waarmee de mobiliteit in Utrecht toeneemt. Dat zie je nergens anders in de wereld. Het fietsgebruik is de laatste jaren met bijna 50 procent toegenomen in de stad, terwijl het OV-gebruik elk jaar weer met drie procent toeneemt.”

De mobiliteitstoename geldt niet alleen voor het centrum, maar ook voor het Utrecht Science Park. “Dat is op het moment de grootste bestemmingsplek zonder treinstation in de weide omtrek,” zegt Van Hooijdonk. Een tweede tramlijn naast de al reeds in aanbouw zijnde Uithoflijn is dan ook zeker niet ondenkbaar. “Bij aanleg van die lijn gingen we uit van een groei van 35.000 reizigers naar 65.000 richting De Uithof. Inmiddels rekenen we al op minimaal 80.000 forensen richting het USP.”

Stedelijke leefbaarheid als exportproduct
Tom van Mil van het EBU is ontzettend enthousiast over de ontwikkelingen die staan te gebeuren in het gebied. Hij ziet Utrecht met deze plannen als voorloper in de wereld op het gebied van stedelijke leefbaarheid en duurzaamheid en daar zijn voor het bedrijfsleven en de verschillende kenniscentra in de stad bijzonder goede vruchten van te plukken. “Stedelijke leefbaarheid als exportproduct van BV Nederland. In dit ‘living lab’ waar we in komen te zitten kunnen we door samenwerking met alle partijen kennis opdoen en ontwikkelen tot een exportproduct van ongekende potentie. Kennis over een leefbare en duurzame stad moet exportproduct worden zoals wij dat nu al met onze waterkennis hebben.”

Bron: Duic